Vlaanderen Staat

IJzerwake 2011Vlaamse vrienden,

Voor de 10de keer zal op 21 augustus de IJzerwake plaats vinden in Steenstrate.

Van in het begin hebben de organisatoren als leidraad voor hun organisatie de kernwoorden van het testament van de Fronters voor ogen gehouden: Zelfbestuur – Nooit meer oorlog – Godsvrede.

Ook al is in de dagdagelijkse politiek van dit nobele testament vaak weinig te merken, toch leeft het in de harten van vele Vlamingen die, vertrouwd met hun geschiedenis, waar dan ook hun steke staan.

In Steenstrate zijn en blijven alle Vlamingen welkom, voor wie het ‘Vlaanderen Eerst’ geen loze slogan is. De vzw IJzerwake geeft via de toespraak van de voorzitter haar standpunten weer op de actualiteit en op de pijnpunten in onze samenleving. De oproep naar een onafhankelijk Vlaanderen zit hierin telkens weer vervat. Na meer dan een jaar regeringsonderhandelingen mag ieder weldenkend mens de objectieve vaststelling doen: de kunstmatige staat België heeft opgehouden te bestaan in de geesten. Nu is er alleen nog de rationele notaristoets nodig om de scheiding ook effectief te regelen, zodat de lasten en lusten eerlijk verdeeld worden over Vlaanderen en Wallonië. Een win-winsituatie voor beiden op termijn, wanneer de onophoudelijke communautaire twisten zullen beslecht zijn (en ALLES in dit land IS communautair!!), en een echt beleid zal gevoerd kunnen worden, naar ieders maat.

De vzw IJzerwake nodigt ieder jaar een gastspreker uit. Hij of zij wordt als gast geacht zijn mening te geven op het motto van de IJzerwake, en van daaruit op de actualiteit. Met Johan Sanctorum gaan wij verder in de rij van denkers, die op een eigen manier en met een eigen invalshoek, de actualiteit belichten.

De thema- en bindteksten van Anton Aldi dragen ook dit jaar de wake, en doen in enkele sterke en juist geplaatste woorden het hele opzet van ons motto uit de doeken. Erik Verstraete heeft -ondanks persoonlijke zorgen- enkele historische figuren in de kijker gezet, gedeeltelijk bij de bloemenhulde, gedeeltelijk in het programmaboekje.

Verder hebben we een jonge kleinkunstzanger Dietwin, van wie wij de familienaam nog niet verklappen. U zal die zien op de wake in het programmaboekje, of horen in de talrijke coulissen van de Vlaamse Beweging, waar de mededeling het nog even stil te houden, telkens de grootste garantie is, dat binnen de kortste keren het nieuws bekend is tot in de verste uithoeken :-).

Onze medewerkers ten velde zullen u ook dit jaar waardig ontvangen. Wanneer u op zondag een versierde weide betreedt, met trotse vaandels, een uitgedoste feesttent, een indrukwekkend podium met toeters en bellen en een scherm, een mooie omkadering, een warm onthaal: weet dan dat dit alles slechts mogelijk is omdat vrijwilligers bereid zijn om een week daarvoor dit alles op te zetten! Vrijwilligers, inderdaad. Onbezoldigd. Vakantiedagen opgeofferd. Met als enige vergoeding: veel plezier tussen het werk door en fijne kameraadschap. Voorpost neemt hierin steeds het voortouw, van opbouw tot afbraak. Het mag eens gezegd worden.

Mogen wij u vragen alleen al uit eerbied voor dit gepresteerde werk van kameraadschap, de politieke meningsverschillen in en over partijgrenzen heen, voor één dag thuis te laten en als één man rond de leeuwenvlag te staan. Wij staan in een gebied waar vele jonge mensen uit alle windstreken een zinloze en vreselijke strijd vochten. Daaronder jonge en zelfbewuste Vlamingen die hun bloed vergoten voor een staat die dat bloed niet verdiende, met op hun stervende lippen de woorden ‘moeder’ en ‘Vlaanderen’. Wij staan in een streek waar in de vorige eeuw van op een toren ieder jaar een striemende aanklacht werd gericht aan deze on-staat en zijn regeerders. Wij staan in een weide vanwaar een duidelijke en onverzettelijke boodschap moet klinken: ‘Vlaanderen Staat’!

Verslag

Tot spijt van wie het benijdt, de IJzerwake is de grootste politieke manifestatie van België. Wat zich elders aandient als politieke jamboree is een gekunsteld familiefeest met een hoog Bobbejaan Schoepen-gehalte, geen samenkomst van volkse Vlamingen, militanten, jeugdbewegers, studenten en her en der radicale politici. Evenmin te versmaden, de IJzerwake draait op zo’n 250 vrijwilligers die zonder vergoeding (of je zou een broodje en een drankje moeten meerekenen), of kans op een benoeminkje op een kabinet of in een kaas van het regime, het weze een vzw of een administratie of een overheidsbedrijf, zich dagenlang, andere wekenlang, krom werken om hun door proper Vlaanderen miskende bijeenkomst te doen slagen. Nog een kenmerk dat jaar na jaar de verdere professionalisering niet handicapt: hier gaat geen euro aan subsidies rond. Wat gebeurt is betaald tot de laatste cent door vrijwillige bijdragen, sympathisanten, vrije sponsoren.

IJzerwake bestaat tien jaar en is niet afgegleden, zoals de IJzerbedevaart, tot een bijhuis van de Vlaamse politiek en het Vlaamse establishment, wat maakt dat men zich aan de IJzer, omwille van de staatstoelagen, onledig moet houden met gefilosofeer over vrede en verdraagzaamheid, en dat zonder brug naar de politieke werkelijkheid. Wanneer verzet de spreker van dienst, parlementsvoorzitter Jan Peumans, zich onder de toren van Nooit meer Oorlog tegen het lidmaatschap van België, of later Vlaanderen, van de Navo? Bommen op Tripoli, stroken die met de ideologie van de Paxpoort? Uit de Navo hoeft niet, maar dat zou consequent zijn.
De akkers langs de Ieperlee waar IJzerwake het testament van de frontsoldaten van ’14-’18 en de gebroeders Van Raemdonck herdenkt zijn ons vaderland in een mooie editie: zonder lintbebouwing, zonder lelijke villa’s van nieuwe rijken, zonder industrieparken, zonder spoorwegbermen. De enige ontsiering is de hoogspanningslijn. De 5000 bedevaarders staan op zwarte teelaarde, rondom glanst het groen van de hagen, wuift de bomenrij aan de Ieperlee, groeien de maïskolven, schuiven de wolken, schijnt het zilveren zonlicht, zelfs al laat het weerbericht in de nasleep van het drama op Pukkelpop niet na om dagen na mekaar storm, wind, plensbuien te voorspellen. Niets van dat alles, buiten een korte paraplushow voor duizend druppels.

IJzerwake is solidair en opende met diepe stilte voor de doden van die andere grote manifestatie van enkele dagen voordien: het muziekfestival van Kiewit, Hasselt. Deze stilte was geen plichtpleging en werd ontroerd beleefd.

Bij het binnenkomen op de bedevaartweide klonk een rare vraag: “Is u katholiek?” Ja, dat ben ik, en meteen werd door een KVHV’er met pet en militante blik een pamflet met Paternoster overhandigd. Ook dat is IJzerwake. Vernieuwing is er één element, verdraagzaamheid voor tradities eveneens. Waar heb je nog vijf priesters rond één eucharistietafel? Waar zingt een kloek gelegenheidskoor kerkliederen onder grote luchten op een zomerse zondagmorgen? IJzerwake is geen dépendance van het katholieke Vlaanderen, daarvoor is de samenstelling van de deelnemers, en de algemene vergadering, te divers, echter respect voor de eigen afkomst dwingt iedereen, ook de lauwen en de heidenen, tot eerbied voor het rituele geprevel.

Voorzitter van IJzerwake Wim De Wit was op dreef. Zijn politieke analyse liet geen spaander heel van de strategie di Rupo en van de weifelmoedige Vlaamse politici die tegen beter weten in gehoorzaam hokken rond de PS-nota, en de Franstalige eisenbundel. De Vlaamse onafhankelijkheid werd door De Wit in een breder internationaal verband geplaatst. Hij sprak over de volgende 12 dagen, de volgende 12 weken en de volgende 12 jaar en op die middellange termijn is economisch-politieke samenwerking met Nederland noodzakelijk plus, met de dagelijkse discussie over ja euro, neen euro, een alliantie van Vlaanderen met Nederland, Duitsland en de noordelijke landen in een neuro-zone; een zone van EU-landen die netjes op hun begrotingen letten, hard werken, innoveren en overleven. Aldus de officiële programmatoespraak van de voorzitter. De republikein De Wit liet eveneens zijn antiroyalistische lier jubelen. De IJzerwake 2011 was ook in andere teksten en liederen geen hooglied voor het geslacht Saksen-Coburg. De akkers van Steenstrate hebben niet de allure van De Munt waar ooit De Stomme van Portici een revolutie heeft ingezet, maar dat de opstand en het republikanisme er goed aarden is voelbaar als je zit op rij tien tussen de massa.

Johan Sanctorum, gastspreker, was zijn allerbeste zichzelve. Inhoudelijk sterk en lichtvoetig in dictie, humor en voorkomen. Voor Sanctorum mag het onafhankelijke Vlaanderen geen kleiner verkleed België worden. Geen pseudo-België op de helft van het vroegere grondgebied met verstikkende koningen, prinsen en lakeien; met particraten en ambtenaren die dikke lagen wetten afscheiden; met democratie die dat alleen is in naam en zogenaamd krenkend onpolitiek correcte ideeën, met gespecialiseerde staatsagentschappen en banvloeken, uitsnijdt als afval. Stevig applaus was de beloning voor de heldere, rebelse, visionaire woorden van Wim De Wit en Johan Sanctorum. Wie er niet was, en zich moet verlaten op de krantenverslagen, weet niet wat hij miste. Herkansing in 2012 en verder.

Frans Crols

Toespraak voorzitter Wim De Wit

Vlamingen, bedevaarders,

“Gezien de ernst van de politieke toestand wens ik dat elke verantwoordelijke van het land enkele dagen bezinning zou nemen om de gevolgen van de politieke toestand te evalueren en pistes van oplossingen te zoeken.”

Dit, Vlaamse vrienden, zijn uiteraard niet mijn woorden, maar de schijnheilige woorden van een dolgedraaide sire Albert – roi des belges!

Vandaar sire, dat ik mij vandaag, net zoals onze IJzerjongens destijds, rechtstreeks tot u richt. Niet om wantoestanden aan te klagen. Maar om u een korte en simpele mededeling te doen. En ik kan u meteen geruststellen, sire: als Vlaming én als verantwoordelijke burger bezin ik me al veel langer dan vandaag over de politieke toestand van dit on-land. Sta mij daarom toe, om u bij deze, vanuit het verre Steenstrate, de enige nog resterende oplossing aan te reiken: Vlaanderen moet én zal, in volle onafhankelijkheid, zijn toekomst in eigen handen nemen. Zonder België, omdat het niet anders meer kan. En desnoods tégen België, als het moet! En sire, ook een Belgische muur rond onze Vlaamse IJzertoren in Diksmuide zal uw vermolmd koninkrijk niet redden. Misschien kan het KVHV, nadat ze deze week de IJzertoren hebben bezet, ook uw koninklijke stulp even onder handen nemen! Kom dus later niet klagen, sire, dat wij u niet hebben gewaarschuwd!

Vlaamse vrienden,
in dit surrealistische land volstaat het echter niet om een juiste diagnose te stellen en een passende oplossing aan te reiken. Kijk maar naar de eclatante overwinning van de N-VA bij de laatste verkiezingen. Welnu, meer dan een jaar later kunnen we alleen maar vaststellen dat het francofone front eens te meer in zijn opzet is geslaagd: er is géén uitzicht op een zuivere splitsing van BHV, noch op een substantiële staatshervorming en nog minder op ingrijpende sociaaleconomische maatregelen. Kortom: voor ons Vlamingen is wat nu op tafel ligt zonder meer “imbuvable”! En ook Bart De Wever heeft uiteindelijk -beter laat dan nooit- de Franstalige cryptische boodschap die in de nota Di Rupo verborgen zit, ontcijferd en begrepen. Ten bewijze daarvan citeer ik hier enkele van zijn uitspraken: “Wat in de nota Di Rupo staat is bijna een provocatie”, “Hoopte de PS misschien op een vlaag van zelfvernietiging?”, “De PS heeft nooit echt gehoopt op een akkoord met de N-VA”, “De nota Vande Lanotte realiseerde 44% van de Octopusnota van het Vlaams regeerakkoord; Di Rupo blijft steken op 33%”.

En hij is niet de enige. Samen met hem hebben ook anderen de boodschap begrepen:

  • Voor Etienne Vermeersch was de lectuur van de nota Di Rupo een horrorverhaal. “Toen ik die nota las heb ik een pil moeten nemen voor mijn bloeddruk” voegde hij er aan toe.
  • Voor Hendrik Vuye, hoogleraar staatsrecht aan de Universiteit van Namen, is de nota ”geen staatsmanschap maar boerenbedrog, want wat Di Rupo voorstelt is geen zuivere splitsing van B-H-V, maar een onzuivere uitbreiding van Brussel”.
  • Rudi Dierick, politiek secretaris van het OVV, telt alleen in het luik B-H-V, niet minder dan 20 Vlaamse toegevingen, tegenover 1 Franstalige!
  • “Imbuvable” in het kwadraat zegt Bart Maddens in de Tijd en in Doorbraak. Om tal van redenen totaal onverteerbaar en de N-VA deed wat ze moest doen: namelijk, de nota Di Rupo ongenadig neersabelen, want met dit werkstuk zou het land een heilloos pad zijn ingeslagen.
  • UNIZO-gedelegeerd bestuurder Karel Van Eetvelt zegt dat de Vlaamse ondernemers op hun honger blijven zitten. En het sociaaleconomische luik noemt hij ronduit de weg naar de afgrond.
  • In Knack haalt VUB-professor en specialist overheidsbegrotingen Herman Matthijs vernietigend uit: de nota mist visie en is absoluut geen Copernicaanse omwenteling. Hij ziet alleen de belastingdruk aanzienlijk stijgen en de staatsstructuur nog ingewikkelder worden.
  • Ook Rudi Thomaes, gedelegeerd bestuurder van het VBO, begrijpt de N-VA afwijzing. En… zelfs de drie grote vakbonden vinden de nota een onevenwichtig document dat het sociaal beleid ondergraaft en dus geen aanvaardbare basis voor een regeerprogramma. Voor hen is de socialist Di Rupo, de spreekbuis van het ‘individualisme’ geworden.
  • Voor de Werkgroep B-H-V is de nota Di Rupo zonder meer een blauwdruk van het Franstalig “Plan B” , waarbij de zes Vlaamse randgemeenten worden klaargestoomd voor annexatie door Wallo-Brux. Deze nota is van een misselijk makende eenzijdigheid, besluit Guido Ghekiere.
  • En voor al diegenen die het nog niet mochten hebben begrepen, omschrijft Paul Geudens in Gazet van Antwerpen tenslotte, nog maar eens de essentie van de huidige crisis, en ik citeer: “Wat we nu meemaken is een diepe crisis van het Belgisch regime. Ten gronde gaat de discussie over het democratisch gehalte van deze staat. De Franstaligen beseffen dat nu toegeven aan de gerechtvaardigde eisen van de Vlaamse meerderheid het einde betekent van hun geprivilegieerde positie en de ondemocratische bescherming van hun minderheid.”

Om al deze redenen, Vlaamse vrienden, is de houding van CD&V voor mij dan ook volkomen onbegrijpelijk! Tot voor kort was de aanwezigheid van N-VA voor hen een “conditio sine qua non” voor verdere onderhandelingen en voor een regeringsdeelname. Maar helaas, dat was zonder het gemeenschappelijk front van paleis en PS gerekend. Eerst kregen we een verbluffend stukje “commedia dell’arte” van “le roi” in hoogst eigen persoon. Dat Coburg hiermee, volgens grondwetspecialist Paul Van Orshoven, meer dan één grondwettelijke stap te ver ging, kon hen blijkbaar niet deren. Maar het daaropvolgende ultimatum van de PS deed wel wat het moest doen: CD&V ging niet alleen door de knieën, maar ook nog eens plat op de buik. En wat Wouter Beke ook moge beweren, Vlaamse vrienden, hij staat vandaag met lege handen en met de billen bloot. Aan géén enkele, maar dan ook aan géén enkele van zijn eisen werd fundamenteel tegemoet gekomen. Want aan de nota Di Rupo is in wezen geen jota veranderd! Het taalgebruik in Brussel, de tweetalige kieslijsten, het minderhedenverdrag en de federale kieskring (“balast”) liggen nu zogezegd niet meer “op de tafel”, maar “onder de tafel” en zullen verder bestudeerd worden in werkgroepen en parlementaire commissies. Maar… Maingain en konsoorten kennende zullen ze gegarandeerd binnen de kortste keren weer helemaal “bovenaan op de tafel” liggen!

Eergisteren was het al zo ver: diezelfde Maingain gooide meteen drie BHV-elementen op de onderhandelingstafel: de uitbreiding van Brussel, het minderhedenverdrag en nieuwe bevoegdheden van de Franse Gemeenschap in de Vlaamse Rand. En Milquet bevestigde prompt dat de uitbreiding van Brussel prioritair is voor alle Franstalige partijen en dat de voorziene compensaties voor Franstaligen in de zes faciliteitengemeenten niet volstaan! Tot overmaat van ramp liet de Voerense burgemeester Huub Broers me gisteren weten dat volgens artikel 129 van de grondwet ook andere faciliteitengemeenten zoals Voeren en Ronse in de onderhandelingen kunnen betrokken worden!

En de naïviteit van CD&V kent blijkbaar geen grenzen: over de verdeling van de voorziene inspanningen tussen de federale overheid en de deelstaten zal “te goeder trouw” worden onderhandeld. Welnu, Vlaanderen weet ondertussen maar al te goed wat meer dan 180 jaar “goede trouw” vanwege de Franstaligen betekent!

En alsof het nog niet erg genoeg was, kwam daarna de klap op de vuurpijl! Eerst schreeuwde Coburg moord en brand, en dat in een één-tweetje met Di Rupo, waarbij ik me de vraag stel of het PS-hoofdkwartier in Laken of in Bergen is opgetrokken! Er moest snel een nieuwe regering worden gevormd! Want het land – en dus ook Coburg’s eigen buitensporige dotatie – stond op instorten en de financiële markten lagen op de loer. Maar van zodra de NV-A er was afgereden, was de druk plots van de Belgische ketel. Het doel was immers bereikt! En de resterende onderhandelaars kregen als royale beloning meteen drie weken vakantie, formatievakantie… Vermoedelijk… in de naïeve veronderstelling dat ook de ratingbureaus en de financiële markten drie weken vakantie gingen nemen. En de grote (bestrikte) staatsman Di Rupo ging zelfs nog een stap verder en stelde arbitrair de onderhandelingen met nog een extra week uit. Maar dat had allicht te maken met onze wake van vandaag. Onze invloed is dus vermoedelijk groter dan we denken.

Over de houding van die andere partijtjes, Open VLD, SP.a en Groen! om ze niet te noemen, kunnen we bijzonder kort zijn: ze hebben niet eens tegengesparteld op weg naar de slachtbank! Integendeel! Ze zijn blijkbaar zelfs gehaast. En u mag drie keer raden waarom!

Maar mijn grote bezorgdheid, vrienden, gaat niettemin uit naar de CD&V! En als Steven Vanackere dan vanuit Blankenberge, na eerst Kris Peeters een veeg uit de pan te hebben gegeven, verklaart dat de onderhandelingen pas kunnen slagen als de “twee extremen” afwezig zijn, dan maak ik mij inderdaad méér dan grote zorgen. Want hiermee is niet alleen de retorische vraag van Maingain, “of CD&V afstand kan nemen van de N-VA-stellingen” meteen bevestigend beantwoord, maar is ook het “cordon sanitaire” rond de N-VA een feit! En dat is op z’n zachtst uitgedrukt toch een historisch gegeven! Ronduit hallucinant! Begrijpe wie kan!

Vandaar dat ik hier toch een aantal vragen luidop moet stellen. Zal de CD&V de oude CVP-gewaden alsnog afleggen en de nefaste Belgische compromiscultuur voor één keer en tijdig opzij durven schuiven? Of kiest ze eens te meer voor de “suïcidale dialoog” en voor een “rot Belgisch compromis” dat de structuren nóg ingewikkelder maakt en de Vlaamse meerderheid nog steviger aan banden legt? Is de CD&V dan toch bereid om de fameuze “Octopusnota” te verloochenen en regelrecht in gaan tegen de “Copernicaanse omwenteling” waarvoor de meerderheid van de Vlamingen in 2010 nadrukkelijk heeft gekozen? De toekomst zal het uitwijzen.

Maar één ding staat vast: voor CD&V wordt het “erop” of “eronder”! Ofwel “afdruipen” zonder akkoord, ofwel “afgaan” met een slecht akkoord. En wees gerust, niet alleen de extremisten, maar ook de gematigde Vlaamse kiezer zal in zijn oordeel genadeloos zijn. En ook de Franstaligen kunnen beter nog eens goed nadenken. Want ze beseffen blijkbaar niet dat, als ze blijven weigeren om aan de Vlaamse rechtmatige verzuchtingen tegemoet te komen, de electorale macht van de Vlaams-nationale partijen alleen maar zal toenemen en dat ze zodoende uiteindelijk zelf het einde van België zullen bespoedigen. Tenzij dat alsnog hun bedoeling is natuurlijk! Wat hen uiteraard van harte is gegund!

En intussen sparen ook de andere Vlaamse partijen hun vernietigende kritiek op de N-VA niet. Met slechts twee uitzonderingen: LDD en het Vlaams Belang, dat bij monde van zijn voorzitter Bruno Valkeniers, de N-VA, direct na de afwijzing van de nota Di Rupo, heeft gefeliciteerd. Laten we hopen, Vlaamse vrienden, dat de N-VA, in een ware geest van Godsvrede, deze uitgestoken hand niet langer blijft weigeren en naar de woorden van Eric Defoort, “Als het om de natie gaat, zijn we één”, eindelijk de stap zet naar een o zo noodzakelijk Vlaams-nationaal front!

Een front, waarin het eigen grote gelijk, grootmoedig wordt opzij gezet. Waar aversies en persoonlijke rancunes moeten wijken voor mogelijke synergiën. Waar men, geleerd door de ervaring, de moed heeft om niet alleen de nota Di Rupo, maar ook de nota’s van De Wever, Vande Lanotte en Beke als “onverteerbaar” van de tafel te vegen en opnieuw te vertrekken van een blanco blad. Waar in alle openheid en zonder taboes àlle toekomstige opties kunnen worden besproken, tot en met een Ordelijke Opdeling van België! Een front tenslotte, dat zich naar het voorbeeld van het kartel MR/FDF tot doel stelt, om de komende onderhandelingen permanent op te volgen en te evalueren en dat er zich plechtig toe verbindt, om elke genomen beslissing, die bij een gebeurlijke splitsing van België, de belangen of het grondgebied van Vlaanderen kan schaden, meteen gezamenlijk en waar mogelijk krachtdadig aan te vechten.

Want, vrienden, er zijn redenen te over om ons ongerust te maken! En wat er dezer dagen aan geruchten doorsijpelt, moet onze waakzaamheid op scherp stellen. En ik vat nog even samen: een paritaire senaat, de federale kieskring, samenvallende verkiezingen, tweetalige kieslijsten, goedkeuring van het minderhedenverdrag, uitbreiding van Brussel, herfinanciering van het federale niveau, de fameuze corridor, een dubbele kieskring in Brabant waarbij de zes faciliteitengemeenten bij Brussel gevoegd worden, herfederaliseren van een reeks bevoegdheden zoals de beperkte Vlaamse autonomie in de sociale zekerheid, terugschroeven van de taalwetten in Brussel, afschaffing van omzendbrief Peeters, inschrijvingsrecht voor de Franstaligen uit de rand, een pak bijkomend Vlaams geld voor een vijandige hoofdstad, een nadelige financieringswet zonder extra autonomie.

Bijzonder gevaarlijk is bovendien de door velen onderschatte oprichting van de zogenaamde Brusselse Metropolitane Regio. Hoewel bedoeld als een zuiver economisch samenwerkingsverband, willen én zullen de Franstaligen er een nieuw supra-regionaal beleidsniveau van maken, wat neerkomt op een feitelijke uitbreiding van Brussel. En dan zijn er natuurlijk ook nog de “in de lucht hangende” onaanvaardbare toegevingen in ruil voor de splitsing van B-H-V. En daarom vraag ik u allen met aandrang om op 18 september om 11 uur massaal deel te nemen aan de wandeling “Dwars door Linkebeek” en op die manier aan àlle Vlaamse politici en aan de Franstaligen nog maar eens duidelijk te maken dat de faciliteitengemeenten Vlaamse gemeenten zijn en moeten blijven. En dat er voor de splitsing van B-H-V géén prijs mág en zál betaald worden! We zien elkaar dus graag terug op 18 september!

Vlaamse vrienden, bedevaarders,
wij zijn van mening dat de politieke impasse nu stilaan lang genoeg geduurd heeft. En dat de tijd rijp is om conclusies te trekken. Tijd dus om het Belgisch referentiekader te verlaten en nieuwe wegen te bewandelen. Vlaanderen heeft daarom, meer dan ooit, “staatsmannen” nodig. Staatsmannen, die in tegenstelling tot politiekers, niet wakker liggen van de volgende verkiezingen, maar denken aan de volgende generaties. Het drama voor Vlaanderen is evenwel, dat er blijkbaar telkens opnieuw Vlaamse politici opstaan, die bereid gevonden worden om, in ruil voor een lintje of een titel, de belangen van hun volk ondergeschikt te maken aan de belangen van de francofone Belgische bourgeoisie.

Politici die hun handtekening onder een regeerakkoord zonder meer verloochenen. Die de moed missen om ondubbelzinnig voor onze Vlaamse rechten op te komen. Die bij voorbaat toegeven aan de imperialistische en onrechtmatige eisen van de tegenstrever en toelaten dat Vlamingen op grote schaal gediscrimineerd worden in Brusselse instellingen. Die de andere kant opkijken als onze taal, onze cultuur en ons grondgebied worden bedreigd. Die, als ze geconfronteerd worden met de miljarden euro’s die jaarlijks via de Sociale Zekerheid wegvloeien in de bodemloze Waalse putten, zich telkens opnieuw schaamteloos verbergen achter de Belgische leugen van de zogenaamde “solidariteit”.

Het is bijgevolg aan elk van ons, om dat soort politiekers bij de eerstvolgende gelegenheid – en wat mij betreft zo snel als mogelijk- zonder pardon de laan uit te sturen.

Want Vlaanderen móet, nu meer dan ooit, zijn toekomst zelf kunnen bepalen en veilig stellen. En moet daarom in eerste instantie aansluiting zoeken bij Nederland en tegelijk inzetten op een nieuw Europa. Door de huidige Euro-crisis is het trouwens niet denkbeeldig dat de Eurozone in twee delen uiteenvalt: een sterke Noord-Europese zone en een zwakkere Zuid-Europese zone. Vlaanderen moet bijgevolg klaar staan om resoluut bij de sterke Noord-Europese economieën te kunnen aansluiten. En vooral daarom moeten we ons eerst zien te bevrijden van het Griekenland aan de Maas. En ik herhaal het en ik zal het hier zo lang als nodig blijven herhalen: zonder België, omdat het niet anders kan! En desnoods tegen België, als het moet!

Dat is voor elk van ons de ultieme opdracht!
Uw plicht en mijn plicht!
Want onze toekomst ligt in Vlaanderen, in de Nederlanden en in Europa!
En dat kan alleen als VLAANDEREN STAAT!

Ik dank u.

Toespraak gastspreker Johan Sanctorum

1. Neen aan de Pax Belgica

Beste vrienden, strijdmakkers, volksgenoten

Slechts een boogscheut hier vandaan, in Roeselare, brak in 1875 een studentenopstand uit, die de geschiedenis is ingegaan als “De Grote Stooringhe”, met als aanstichter een zekere Albrecht Rodenbach. Voor de grote massa enkel een biermerk, maar de ingewijden van de Vlaamse beweging weten dat we hier, wellicht voor de eerste keer in de vaderlandse geschiedenis, te maken hebben met een rebelse grondstroom, gericht tegen de natie die ons vaderland niet is. Een studentenopstand die zich wilde verbreden tot burgerverzet en volksopstand, tegen het franco-Belgisch establishment en zijn pijpendansers,- een verzet dat zou blijven doorklinken tot in Leuven 1968.

Alleen die blauwvoet, het nieuwe symbool dat Rodenbach in zijn revolte dropte, was een beetje vreemd. Hij had natuurlijk wel Hendrik Conscience gelezen en diens roman over de blauwvoeten alias de “kerels”, een zootje rebellen uit het Veurne van de 12e eeuw. Maar wetenschappelijke accuraatheid was de laatste bekommernis van Albrecht: er is aan de Vlaamse kust –die foutief meestal de “Belgische kust” wordt genoemd-, geen blauwvoet te bekennen. Ook al verwijzen sommige biologen naar de Jan-van-Gent, alias de Morus bassanus, waar evenwel niets blauw aan te bespeuren valt.

Ik heb hieromtrent dan ook een gewaagde hypothese: ik verdenk Rodenbach ervan, de blauwvoet als nuttig fabeldier ten tonele te hebben gevoerd, een dichterlijke metamorfose, om af te rekenen met een ander soort gevogelte, dat de Vlamingen vanuit de Belgische volière werd opgedrongen, namelijk de vredesduif, het castraatsymbool van de pacificatie, het compromis, de halfslachtigheid. “Vliegt den blauwvoet, storm op zee” betekent dan gewoon: weg met de valse vrede, geef ons maar de open confrontatie, de “storm”.

De blauwvoet is dus een wakker geschoten Vlaamse kleiduif. En inderdaad, beste vrienden: “nooit meer oorlog,” pax, de godsvrede,- het zijn motto’s die in het IJzertestament verankerd zijn. Diep in onszelf willen wij allemaal die grote vrede. Maar ondertussen wordt ons wel een schijnvrede aangeboden, de grote pacificatie, la pacification, die niet veraf staat van een capitulatie. De Romeinen gebruikten het woord “vrede” al als een eufemisme voor onderwerping, de fameuze “Pax Romana”. Is dat dezelfde “Pax” die op de poort van de oude, gedynamiteerde IJzertoren prijkt? Hebben de gebroeders van Raemdonck hun leven geofferd voor de Pax Belgica? Ik dacht het niet. Hoeveel is de vrede ons waard, alvorens ze onwaardig wordt, en vernederend? Dat is de vraag die wij ons sinds 1830 moesten stellen, steeds weer.

1830, een vervloekt jaar. Het jaar waarin een fluttige opera een dompige frituurnatie opleverde. Voor de Vlaamse beweging is de geschiedenis echter geen voldongen feit, maar iets dat moet rechtgezet worden. Het knip-en-plakwerk waaruit de 19e eeuwse natiestaten ontstonden, heeft een restgebied van een ondraaglijke lichtheid opgeleverd, dat België moest heten. Het land van het surrealisme, de “institutionele creativiteit”, de vrolijke onzin.

Eerst dacht men er nog aan om het nieuwe vaderland gewoon te verlatiniseren, maar uitgerekend slechte karakters zoals Rodenbach hebben die cultuurgenocide afgeblokt. Daarna heeft de francofone strategie zich het discours van de pacificatie toegeëigend, de “verzoening”, wat sommige Vlamingen helemaal in de war bracht. Omdat ze niet beseften dat het om diplomatie ging, als de kunst om de oorlog met vredelievende middelen voort te zetten. Men ging dan een beroep doen op onze “goede trouw”, zoals Wim de Wit het daarnet verwoordde. Waardoor we in 1970 ons democratisch meerderheidsrecht verkwanselden.

De heropvoeding van de Vlaming,- per definitie een racist, een xenofoob en een fascist,- is sinds de tweede helft van vorige eeuw de morele missie van francofoon België. Het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding is een van de speerpunten in deze kruisvaart. In het Belgische heropvoedingsinstituut worden wij gepacificeerd, ge-Europeaniseerd, gehumaniseerd, verkosmopolitiseerd,… wat ongeveer allemaal hetzelfde betekent, namelijk de uitvlakking van een culturele identiteit, die ook de reductio ad absurdum betekent van al onze ambities inzake politieke en staatkundige zelfbeschikking.

Manifestaties zoals deze IJzerwake echter stellen jaarlijks de onopvoedbaarheid van die Vlaamse Geus, de blauwvoet, de boche, vast. Een manifestatie die elk jaar meer volk trekt: wij worden de nachtmerrie van onze heropvoeders. Ik hoor nu al de panische commentaar in het RTBf-nieuws van vanavond: “Plus de 6000 fascistes et néo-nazis à l’IJzerwake!”. Men zou zowaar het woord “fascist” als een geuzentitel gaan aannemen.

Geen pax dus voor de blauwvoet: er is, beste vrienden, wel degelijk een oorlog gaande. En ik heb het dan niet over het pak slaag dat de voorzitter van het Vlaamse Parlement in Wallonië kreeg. Het is een subtielere oorlog,- een oorlog met woorden, manoeuvers, tactische constructies, schijnbewegingen, intriges. Met de Wetstraat als plaats van actie, en het Koninklijk Paleis en het PS-hoofdkwartier als strategische cenakels.

Dat is een uitzonderlijke situatie. België is tegelijk onze administratieve natie én onze vijand,- het is dus een bezettingsmacht. Dat kan niet anders dan tot een Grote Stooringe leiden, een radicale breuk met het status-quo, en een opstand vanuit de Vlaamse onderbuik. Want zonder zelfbeschikking, géén godsvrede.

De onderhandelingstafel heeft ons niets te bieden, omdat het zogenaamde vredesproces zelf in de vijandelijke strategie kadert. De duiven die boven de tafel fladderen, en kirrend het Grote Compromis aankondigen, behoren tot de enscenering van de tegenspeler. In zo’n geval is er maar één uitweg: de pacten opzeggen en de onderhandelingstafel verlaten.

2. Oproep tot eenheid

Het is dus goed dat er iemand als Olivier Maingain is, de vooruitgestuurde havik van de Belgische duivenbond, om ons eraan te herinneren dat we in een feitelijke toestand van oorlog verkeren. Misschien moeten we dan ook eens de betere handboeken inzake krijgskunde ter hand nemen, van Machiavelli tot Clausewitz.

Maar de vijand heeft die strategische handboeken blijkbaar al lang uit, we hebben een leesachterstand: de Belgische francofonie hanteert bijvoorbeeld het principe van “verdeel en heers” meesterlijk. En zo komt het dat wij, uit lafheid en tactische zwakte, vooral oorlogjes voeren onder onszelf. De interne paranoia heerst, het idee dat de vijand onder de gelederen schuilt, waardoor we er nooit in slagen om die gelederen te sluiten. “Verraad” is er het eeuwige sleutelwoord. Wantrouwen de stereotype mentaliteit. Roddel en achterklap de vaste nerveuze tics. Het schisma en de afscheuring de onvermijdelijke consequenties.

Zodanig dat onze échte vijand, het Belgische establishment, zich bescheurt van het lachen.

Dat, beste vrienden, is de vloek van de Vlaamse beweging, die wij van ons af moeten schudden. De oude, kleinstedelijke rivaliteit tussen Aalst en Dendermonde, Gent en Antwerpen, Steenstrate en Kaaskerke, en wie weet welke heiligdommen we nog allemaal zullen oprichten: Alveringem, Westrozebeke, Jabbeke en Zevekote, het Madouplein en de Koningsstraat,- allemaal dorpskerktorens waaronder het kleine grote gelijk gecelebreerd wordt.

Het fameuze “cordon sanitaire”, ons in 1989 opgedrongen om het radicale Vlaams-nationalisme een halt toe te roepen, zogezegd in naam van de democratie, heeft het schisma als het ware een institutioneel karakter gegeven: ongezien in het democratische Europa. De kiezer die vanaf toen nog stemde voor die onafhankelijkheidspartij, was niet alleen een slechte Belg, maar ook een verdorven Vlaming, één die niet meer meetelde in de resultaten en de statistieken. Een outlaw, een buiten-de-wet-gestelde, een mestkever.

De partij die nu de fakkel heeft overgenomen, moet zich echter geen illusies maken: ook zij zal in een cordon terecht komen, al is het misschien een fluwelen cordon, namelijk dat van de “politieke irrelevantie”. Ook voor deze partij is er geen goede kant aan het Belgisch verhaal. Springt ze mee in het federale bad, dan is het om gepacificeerd te worden. Gaat ze aan de zijlijn staan, dan bewijst ze haar gebrek aan burgerzin. Het Wetstraattheater loopt hoe-dan-ook gewoon verder, op hoogdringende aanbeveling van de ratingbureaus, en onder het motto: “Liever een Belgische komedie dan een Griekse tragedie”.

De enige uitweg uit dit dilemma, is op zoek te gaan naar een meerderheid die de Vlaamse onafhankelijkheid per volksraadpleging zal afdwingen. Daarom zeg ik nu tot alle Vlaamsgezinde krachten: stop het gekrakeel! Stop de stammentwisten en de clanoorlogen! Wij kunnen de twijfelaars niet overtuigen, als we zelf onderling verdeeld zijn. Het Vlaams-nationalisme zal pas een democratische meerderheid verwerven, wanneer de Vlaams-nationale gelederen gesloten worden. We kunnen de 51e Vlaming maar overtuigen, als de 49 overtuigden uit één mond, met één stem spreken.

De twee partijen, die onze onafhankelijkheid als hoofdpunt in hun programma hebben, N-VA en Vlaams Belang, zijn het aan de Vlaamse beweging, aan ons, aan de kiezer, verplicht om elkaar te vinden en de hand te reiken. De broederstrijd moet stoppen, ze speelt alleen in het voordeel van de tegenstander. We mogen ons niet laten leiden door zijn strategie. We moeten een coherente Vlaams-radicale strategie op poten zetten die de partijbelangen, de kleine tactische spelletjes, overstijgt. Een fusie tussen die twee partijen is niet nodig en misschien zelfs niet wenselijk, want zij zullen mee de democratische diversiteit moeten bepalen in het post-Belgische tijdperk. Maar een Forza Flandria, in de vorm van een Vlaams-radicaal kartel dat zich in 2012 aan de kiezer presenteert, zou een echte bom betekenen onder de Belgische constructie.

Misschien moeten we voor één keer eens een Belgische spreuk tot de onze maken: “Eendracht maakt macht”. Ik nodig bij deze de twee republikeinse formaties uit om een gebaar te stellen dat het Ancien Régime in zware verlegenheid kan brengen: de strategische oprichting van een V-front. De partij of de partijvoorzitter die dàn de uitgestoken hand weigert, draagt een zware historische verantwoordelijkheid. Het Belgische momentum is voorbij, maar het Vlaamse moet nog komen.

Een “Vlaams front”, anderzijds, in een “light”-versie, met de traditionele partijen die België gesticht hebben, plus het Groene aanhangsel, daar moet ik eens mee lachen. Er is geen Vlaams front verbroken, want er was er nooit een. De vadsige vredesduiven van de CD&V zullen, als het erop aankomt, altijd voor een Pax Belgica kiezen,- het zit in hun genen. De nieuwe lading mossel-noch-vis is gearriveerd: voor onze blauwvoet een oneetbare brei, maar voor de tandenloze oudjes in het Rustoord Ampersand blijkbaar ideale kost.

Laten we, beste vrienden, niet te veel moeite doen om de tsjeven te bekeren. Laten we hen zelf in een cordon plaatsen van de politieke betekenisloosheid. Laten we ons koelbloedig en vastberaden concentreren op de uitbouw van een Vlaams-radicale meerderheid,- een electoraal breekpunt dat door een alliantie van de twee republikeinse partijen moet geforceerd worden.

Zo zit de democratie in elkaar, zo werkt de geschiedenis, en zo zal het moeten gebeuren. Als we dat moment missen, haalt de Belgische monarchie moeiteloos de 22e eeuw, met la très grande Bruxelles als franco-Europese draaischijf, waarrond Vlaanderen verschrompelt tot een hinterland dat aan een blijvende verfransingsdruk wordt onderworpen.

III. “Deelstaat” neen, republiek ja

Beste vrienden, “Vlaanderen staat”, is het motto van deze 10e IJzerwake. Dat betekent dat wij nu een versnelling hoger moeten gaan, naar de republikeinse modus.

Tegenover de broeierige, verwarde soap van de Wetstraat moeten wij een helder en begeesterend project van de Vlaamse natievorming durven stellen. Het moet ons opnieuw goesting geven in een groot verhaal, in de toekomst,- iets wat we sinds 1830 helemaal verleerd hebben. Een verhaal, waarin cultureel zelfbewustzijn en collectieve identiteit ten volle mogen beleefd worden. Een verhaal van volksverbondenheid, de “Res Publica” in de ware zin van het woord, die ook groot genoeg is om sociale solidariteit tussen alle Vlamingen als iets vanzelfsprekend te zien.

Een verhaal waarin ook nauwgezet een evenwicht wordt afgewogen tussen economisch gewin en welzijn, gezondheid, milieu. Een verhaal waarin we het Belgische politieke bestel met zijn achterkamertjespolitiek en monarchieke coulissengeschuifel ver achter ons laten, ten voordele van een directe burgerdemocratie, met een rechtstreeks verkozen president, bindende referenda en een open maatschappelijk debat.

Ja, natuurlijk zijn de transfers van Vlaanderen naar Wallonië een steen des aanstoots. Maar ook niet meer dan dat. Het centenflamingantisme en het groepsegoïsme zijn absoluut ontoereikend om een nieuwe natie op te grondvesten. Zoals de broedertwisten waar ik het daarnet over had, zijn ze slechts de echo’s van de Vlaamse kerktorenmentaliteit. Er is een bredere stroom nodig, het grootse appèl van een stedelijke hoogcultuur die we wel in de middeleeuwen hadden, maar die we zijn kwijt gespeeld, waarbij de Val van Antwerpen in 1585 een donker keerpunt blijft. Laten we die mentale verkommering nu keren, en laten we terug groots leren denken, edelmoedig én vastberaden. Radicaal én open van geest.

En waar we België achterlaten om de Vlaamse republiek te vormen, laat daar duizend bloemen bloeien. In dat proces moeten we wél met elkaar in discussie durven gaan, als een volwassen volk, over de waarden en normen die deze republiek moeten schragen, en over de grondwet die we onze kinderen en kleinkinderen willen schenken.

Van deelstaatlogica naar republikeins project: dàt is de Copernicaanse omwenteling, die van mij gerust revolutie mag genoemd worden. Laten we dan ook het kosmische woord “revolutie” onbeschaamd in de mond durven nemen, in plaats van op zijn Lamme Goedzaks te neuzelen over ”evolutie”, “participatie”, of -godbetert- “pacificatie”. We zijn allemaal rebellen, we delen dezelfde zaak, laten we geen schrik hebben van onze eigen schaduw. Onafhankelijkheid is geen geschenk, het is een oorlogsbuit. Deelstaat wordt men via een diplomatieke conferentie. De republiek dwingt men af, door te revolteren.

Ik ben het confederalistische gezemel over die Belgische deelstaten en de “Copernicaanse omwenteling” van Kris Peeters dan ook hartsgrondig beu. Het Vlaanderen van Peeters en C° is niet de zaak waarvoor wij vechten. De confederatie is de zoveelste versie “x” van het Belgische oplapwerk. Het blijft institutionele bricolage. Ook indien we als deel-staat wat belastingen mogen heffen en kindergeld mogen uitbetalen,- we blijven Belgen. En ik wil geen Belg genoemd worden, zelfs geen Nederbelg. We zijn het aan onze voorouders die ervoor vochten, én aan onze nakomelingen die zullen erven, verplicht om tabula rasa te maken, van nul te beginnen, onze harde schijf vol Belgische virussen te wissen. Zoals de Nederlanden zich in 1581 van de Spaanse dwingelandij hebben afgescheiden: je kunt er niet blijven over spreken, je moet het gewoon doén.

Ondertussen neuriet de Vlaamse cultuursector, die met Vlaams geld wordt betoelaagd, steeds maar weer dezelfde, tricolore ambiancemuziek. Een paar witte raven niet te na gesproken, gaat het hier om zelfverklaarde “progressieven”, die nog liever de monarchie en het Belgique à Papa omhelzen, dan een vooruitstrevend republikeins project te ondersteunen. Schrijvers die uit haat tegen Vlaanderen en de Vlamingen in Wallonië gaan wonen; kunstenaars die apetrots een koninklijk ereteken in ontvangst nemen en uit dankbaarheid het paleis decoreren; KVS-intellectuelen die, nu Vlaanderen de kaap van de 50% republikeinse stemmen nadert, opeens de democratie gaan in twijfel trekken. Ze prediken de solidariteit, maar in wezen zijn het bange kleinburgers, die schrik hebben voor verandering en zich vastklampen aan een Ancien Régime dat zich op het surrealisme beroept om zijn anomalieën te verrechtvaardigen.

Wat moet een volk met zo’n “elite” aanvangen? Mijn antwoord is: negeren, de geschiedenis zal hen tot achterlijken bestempelen. Over hun gezwollen, immer taterende hoofdjes heen moeten wij, gewone Vlamingen, het debat over de nieuwe Res Publica en haar grondwet in gang zetten. Wij hebben de toekomst voor ons. Wij zijn, in de ware betekenis van het woord “progressief”, wij zijn de gangmakers van de verandering, tegen het status-quo.

En laten we ons niet teveel zorgen maken over Europa, zijn bureaucratie, zijn diplomatieke cenakels en zijn fora waarop de francofonie haar nummertjes opvoert. WIJ maken Europa, het nieuwe Europa. Europa zal maar zijn geloofwaardigheid terug winnen als het de jonge naties zoals Vlaanderen, Catalonië en Schotland als volwaardige politieke entiteiten in zijn schoot opneemt. Europa zal slechts zijn wedergeboorte beleven, als het de oude natiestaten loslaat, en zich herdenkt vanuit de nieuwe, regionale republieken. En Brussel zal, wil het overleven, aan die logica niet ontsnappen: als België uiteenvalt en het oude Europa afsterft, is deze stad zonder Vlaamse inbreng zelfs niet leefbaar.

Voor minder mogen we niet gaan. Het Vlaams-nationalisme zal, na 180 jaar overleven in de Belgische woestijn, het leven geven aan een Vlaamse republiek, zoals de vlinder uit de rups komt. Onweerstaanbaar, zoals de natuur zelf. Aan ons om de droom in daad om te zetten.

Ik dank u.

Fotoverslag & YouTube video's
Terug naar overzichtspagina Geschiedenis van de IJzerwake